Marita in Sri Lanka

Vliegende mieren

Tijdens mijn verblijf in Badulla werd ik op een avond overvallen door vliegende mieren. Ik wist natuurlijk op dat moment niet wat het was. Het waren gevleuglde insecten, een soort van vlinders of motten dacht ik.  Er kwamen er steeds meer mijn kamer in vliegen en toen ik naar buiten keek zag ik dat overal waar licht brandde, zwermen van deze insecten vlogen. Zoveel dat ik maar gevlucht ben en het huis van Manel heb opgezocht. Ik hoorde van Manel dat het vliegende mieren (termieten)  Manel vertelde dat ze maar een paar minuten rond zwermen en dat ze dan dood gaan. En inderdaad toen ik na een half uurtje terug ging waren ze weg. Wel was het bezaaid met vleugeltjes. Daar moest ik natuurlijk het fijne van weten, dus maar gegoogled.

Geslachtsrijpe termieten komen op bepaalde tijden massaal uit gaten in de grond of uit termietenburchten om te paren. De mannetjes bevruchten de vrouwtjes in de lucht en sterven kort daarop. De bevruchte vrouwtjes zoeken al vliegend een nestelplaats. Hebben ze die eenmaal gevonden, dan werpen of bijten ze hun vleugels af en gaan verder ongevleugeld door het leven. Het grootste deel van haar nageslacht is ongevleugeld, tot er weer gevleugelde mannetjes en vrouwtjes ontstaan, die uitzwermen. Het voornaamste voedsel van termieten is hout. Daarom worden ze ook door velen gehaat. Ze kunnen namelijk boeken, spoorbielzen, masten, houten huizen en meubels kapot knagen. Er is zelfs al eens een spoorbrug ingestort omdat deze was aangetast door termieten.

Love or proposel huwelijken

Inmiddels ben ik a weer een paar dagen terug in ons grijze koude Nederland.  Reden om dit blog af te ronden. Voor dat ik dat doe, wil ik nog een paar verhalen delen. Omdat het leuke weetjes zijn, maar ook omdat ik ze zelf niet wil vergeten. 

Nilu is een van de vrouwelijke medewerkers van het Badulla district centre. Tijdens een gesprek met haar hadden we het over relaties. Ik had verteld dat in Nederland niet zoveel mensen meer trouwen, dat we het niet nodig vinden om een papiertje te halen, om van elkaar te kunnen houden, voor elkaar te zorgen en elkaar te respecteren. Nilu vroeg me of in Nederland ook zgn. proposel huwelijken waren. Ik begreep eerst niet goed wat ze bedoelde, maar ze bedoelde hiermee gearrangeerde huwelijken. In Sri Lanka is het gebruikelijk, dat ouders een goede partner voor hun kinderen zoeken. Nilu vertelde dat haar moeder een man voor haar had gezocht met een goede reputatie. Iemand die niet rookte of dronk, of gewelddadig was, een goede baan had of van goede afkomst was. Ze zei dat dat goed was, omdat ouders meer levenservaring hebben en daarom beter weten wat goed is voor hun kind. Ik vroeg haar, wat ze zou doen als die partner nou lelijk was, of ze zich helemaal niet tot hem aangetrokken voelde. Dan trouwde ze toch met hem, omdat haar moeder verstandig was, een goede man had uitgezocht en omdat ze veel van haar moeder hield. Datzelfde verhaal had ik ook al eens van Manel gehoord en zelfs van Tarushi. Tarushi is een jonge vrouw van 21, ze had geen vriend. Nee haar moeder zou wel een geschikte man voor haar zoeken. Verbazend vond ik dat. Ik moet daar zelf niet aan denken, "mam zoek eens een goede man voor me".  En ik weet zeker, dat mijn dochters me voor gek zouden verklaren, als ik ze aan een geschikte partner zou willen koppelen. Het is bovendien ook niet nodig, ze kunnen heel goed hun eigen zaakjes regelen. Mijn ene dochter heeft zelf een uitstekende keus gemaakt en de andere zal dat ook doen. Als je je afvraagt of proposel huwelijken meer succesvol zijn dan liefdeshuwelijken, is dat niet te zeggen. In Sri Lanka is veel huiselijk geweld, vrouwen en kinderen worden verlaten of verkracht, er is drank en drugs misbruik, maar dat komt ook in Nederland voor.  Men zegt dat dat vooral voorkomt in de lagere sociale klasse. Ik denk dat benoemde problemen in alle culturen voor komen. En of het te voorkomen is???????



Het weeshuis in Moratuwa

Terug in Moratuwa heb ik nog 2 dagen in het weeshuis gewerkt. Er waren op dat moment 14 kinderen tot 1 jaar en 7 kinderen tussen 1 en 3 jaar. De eerste morgen dat ik daar kwam, werden de kleintjes net gebaad. Het was bijna lopende band werk. Maar het gebeurde toch goed en zorgzaam. Daarna kregen de kleintjes de fles. Toen ik vroeg of ik een kindje de fles kon geven, was het no, no. In elk ledikantje lag  een klein kussentje, dat werd tegen de baby aangelegd en daar werd de fles op gelegd, zodat de baby zelf kon drinken. De kinderen waren het gewend, dat kon je zien. Maar ik had er moeite mee. Ik snap best dat ze niet uitgebreid de tijd kunnen nemen, om de kinderen een voor een de fles te geven, maar het zou misschien bij toerbeurt kunnen. Elke voeding een andere baby op de arm gevoed. De kinderen hebben al een problematische start en dan krijgen ze ook nog weinig fysieke affectie. De medewerkers zijn best gek met de kinderen, dat kan ik wel zien, maar hun methodes kunnen wel wat zachtmoediger.  Zoals de volgende dag. Toen ik kwam waren ze net bezig met een kindje eten te geven. Het kind lag op haar rug op een tafel en er stond een medewerker voor om haar te voeren. Het woord voeren gebruik ik niet graag, maar dat was het wel. Het eten werd er gewoon in gepropt. Het meisje lag maar te huilen en probeerde het eten er weer uit te werken, maar het werd gewoon met een lepeltje achter in haar mond geduwd en er ging een nieuwe lepel achter aan. Ik probeerde nog: "she is not hungry anymore". Maar het moest. Kindje had probleem met slikken zei ze. Ja dat snap ik wel op deze manier. Ik heb er even bijgestaan maar ik kon het niet aanzien. Arm kind, ik moest er zelf van huilen. Ik wilde wel schreeuwen STOP  en haar de lepel uit de handen slaan. Ik had het daar echt even moeilijk. Maar als ik dat had gedaan dan had ik een boel consternatie veroorzaakt en ik kon niet goed uitleggen waarom ze dit niet zouden moeten doen, hun Engels was minimaal. Ze geven kinderen ook vaak een pets op een beentje of ze worden met luide stem gecorrigeerd. Ze worden als het ware gedrild. In de groep van 1 tot 3 jaar had dit wel het effect dat de kinderen tijdens het eten keurig op een rij zaten en als vogeltjes om de beurt een hap rijst kregen. Ze werden met de hand gevoed door het hoofd van het huis. Maar zodra de telefoon ging en zij gewoon wegging om de telefoon op te nemen, sprongen er een paar meteen van hun plek. Toen ze hoorden dat ze terug kwam, zaten ze er weer.  De kinderen 1-3 leken sowieso op aapjes in de jungle. Ik had een aantal ballonnen meegenomen en opgeblazen. Jonge jonge dat was vechten in de keet. De brutaalsten gingen er mee vandoor en anderen probeerden ze weer af te pakken. Dus ik bedacht ik haal er meer op zodat ieder kind er een heeft. Mijn hostel lag naast het weeshuis. Toen ik terug kwam waren de ballonnen weggehaald en lagen achter het hek. Ballonnen mochten ze dus niet hebben, men was bang dat ze stukjes van de ballon achter in de keel kregen. Oké!!!!!!! Nou dan maar gewoon met ze spelen. Maar ook om aandacht wordt gevochten. Een jongetje (De leider van de groep) duwde andere kinderen weg, sloeg als dat nodig was en klemde zich met armen en benen, vast om mijn been. Zoals een aapje. Hij werd steeds brutaler en probeerde mijn bril te pakken. Toen ik deze hoog weglegde, was t maar even en hij zat boven op een kast van 2 meter. Daarna probeerden ze van alles uit, van trekken aan de haren tot slaan. Ik moest zelf ook een paar keer Eppa zeggen. Wat stop betekent. Ik denk echt dat het vechten om de sterkste te zijn,  te maken heeft met wat ze tekort komen. Datzelfde vechten zag ik ook in het Tamil meisjes huis.  Later heb ik daar met Bandulla een gesprek over gehad. Hij wil altijd weten hoe ik de dingen ervaren heb. Ze willen er van leren. Dus ik heb verteld van dat kleine meisje dat liggend op de tafel gevoerd werd en slaan van kinderen dat je daar in ons land voor opgepakt kan worden. Hij vertelde dat vooral laag opgeleide mensen dit vaak doen. Er komt ook veel huiselijk geweld voor onder deze groep. Sarvodaya probeert ook hier verandering in te brengen door voorlichting, scholing en sociaal werkers in te zetten. Maar verandering heeft tijd en geduld nodig.

Nog even een grappig feitje over het weeshuis. Er was 1 meisje in de 1-3 groep die ging vlak voor me zitten en keek de hele tijd naar mijn ogen. Ze kennen alleen maar bruine en zwarte ogen, dus ze moest dat eens even goed bekijken. Sommige kinderen waren in het begin zelfs bang voor mijn blauwe ogen.

Van Badulla naar Colombo

Dinsdag 2 januari ben ik met de trein vertrokken naar Colombo. Het had nogal wat voeten in aarde om een kaartje 1e klas te bemachtigen. De 1e klas kaartjes voor de trein waren uitverkocht. Men zei dat mensen vaak online een kaartje bestelden en dan op t laatste moment annuleren. Je moet dan kort van te voren vragen of er kaartjes zijn terug gekomen. En als je connecties hebt wil dat wel eens beter lukken.  Manel heeft veel vrienden en die kunnen vaak wel iets regelen. Maar het ging niet allemaal vanzelf, er moest een vriend bijgehaald worden die meeging naar t station. Hij kende de baas van het station en op die manier kreeg ik mijn kaartje. De trein van 5.45 uur vanaf Badulla. Het uitzicht is mooi de treinen gaan lang niet zo hard als bij ons, dus je had gelegenheid genoeg om te genieten. Na een tijd gereisd re hebben, was er een mankement aan de trein, we stonden een hele tijd stil. De trein moest via Kandy naar Colombo. Maar dat ging niet lukken. De mensen naar Kandy moesten overstappen op een andere trein en mijn trein moest wachten op de passagiers die van Kandy afkwamen om over te stappen naar de trein waarin ik zat. Na een uurtje kwam die trein er aan. En uiteindelijk konden we verder naar Colombo. Maar ook dat ging niet echt vloeiend. Anderhalf uur te laat om 17.00 uur stond ik op station Colombo. Nu nog mijn chauffeur zoeken, die al anderhalf uur op mij zat te wachten.  Toen die gevonden was, zaten we natuurlijk midden in de spits en deden zo'n 2 uur over 20 km. Het was een vermoeiende dag, maar ik was terug op het hoofdkantoor in Moratuwa.

Pirith ceremony

Twee keer heb ik een Pirith ceremonie mee gemaakt. Een Pirith ceremony dient om Boedha te eren en  kwaad af te wenden en voorspoed te vragen. De ceremonie wordt om verschillende redenen gehouden. Aan het eind van het jaar doet men dit om voorspoed te vragen voor het nieuwe jaar. Het was op een gegeven  moment zo dat ik savonds getrommel en gefluit hoorde. Achteraf bleek dat dit oefenen was voor 28 december. Dan zou er een pirith ceremonie zijn in het gebouw naast het Sarvodaya district centre. Daar was een spiritueel centrum gevestigd. 28 december avonds om een uur of 7 was er een processie vooraf gegaan door trommelaars en een fluitspeler. Daarna volgde een hele rij mensen met geschenken op hun hoofd dragend en tot slot een stuk of 40 monniken, allemaal onder gele parasols. Tegen 8 uur begon het chanten (natuurlijk grote luidsprekers op t dak, zodat iedereen kan mee genieten) Dat is het zingen van gebeden en liederen, goed gekeurd door Boedha zelf. Het chanten gebeurt in een paviljoen, waarvan de bovenkant is bekleed met een wit laken. In het midden van het paviljoen staat een tafel met ook weer en wit kleed en op de tafel staan allerlei symbolische spullen, zoals een schaal met lotus en jasmijn bloemen. Een pot met gezuiverd water, kokosoliebranders enz. Aan de overkapping hangen allerlei bladeren en bloemen die extra zuurstof verschaffen tijdens het chanten. Het chanten start en gaat de hele nacht door, het mag niet onderbroken worden. Niet alle monniken hoeven de hele nacht door te zingen, maar er moeten er altijd 2 zijn die doorgaan. Veel mensen blijven de hele nacht en slapen tussen de bedrijven door daar ook. Tijdens de ceremonie wordt een witte draad door de monniken vastgehouden, de draad wordt door gegeven aan de aanwezigen, iedereen die de draad vast heeft, wordt zo beschermd tegen het kwaad. Aan het eind van de ceremonie wordt de draad in stukken geknipt en om de polsen van de aanwezigen geknoopt. Na de ceremonie is er eten voor iedereen, maar natuurlijk eerst voor de monniken. Er worden zogenaamde aalmoezen aan de monniken gegeven. Traditioneel zijn dat de aalmoes-bowl, drie gewaden, riem, scheermes, water-filter, en een naald. Maar ik zag dat iedereen ook een parasol kreeg en een krant of blad en lekkernijen. Als de monniken na eerst nog gesproken en gebeden te hebben uiteindelijk weg gaan is het aan de mensen om te eten.
De 2e ceremonie die ik bijwoonde was in Mayangale in het Sarvodaya centre al daar. Ik ging er met Manel naar toe, maar ik wist toen nog niet precies wat er ging gebeuren. Het bleek dus een pirith ceremonie te zijn,  gedaan door leken ipv monniken. Deze mannen zijn er wel speciaal voor opgeleid om zo'n ceremonie te mogen uitvoeren. Alle rituelen zijn hetzelfde als die van de monniken. Die nacht bleven wij ook in het gebouw. Er was een speciaal bed voor mij gereserveerd. Er stond nog een groot bed op die kamer en daar sliepen ook nog eens 4 mensen.  Men gaat gewoon met kleren aan op bed. Geen laken of iets over zich heen. En het kan gebeuren dat geregeld iemand door de kamer loopt. Of iemand het licht aan doet omdat men iets nodig heeft. Om 5 uur moesten we eruit voor de laatste rituelen. Daarna was er eten. Het was dus een korte en onrustige nacht. Maar wel een bijzondere ervaring om mee te maken.

Geen internet.

Al een paar dagen geen internet.  Dus niet zo veel kunnen posten. Foto's is helemaal een probleem. 

Afscheid van de meisjes

Nadat ik zondags met de meisjes van het kindertehuis naar de New Zealand farm was geweest, vroegen ze aan mij of ik de volgende dag ook kwam. De volgende dag was het Kerstmis en ik zou naar de kerstmusical van een ander tehuis gaan. Ik had begrepen dat de meisjes er ook heen zouden gaan. Dus ik zei, "morgen zie ik jullie weer."  Dat was dus niet het geval de uitvoering was van een christelijk tehuis en boedistische of hindoeïstische kinderen gaan daar niet naar toe. Het zat me niet lekker, ik had ze iets toegezegd en kwam het niet na. Ik wist dat de meeste meisjes in het kindertehuis zitten, omdat er iets aan de hand is. Vaak heeft dat met volwassenen te maken. Ik wilde niet dat ze weer in een volwassene teleurgesteld zouden zijn. Dus ik heb gezegd tegen Manel dat ik terug wilde naar het meisjes huis. Ik had haarknipjes voor alle meisjes gekocht en ik wilde een donatie doen voor het tehuis. Reden om nog een keer terug te "moeten". Zo gezegd zo gedaan. Ik vind het fijn om de meisjes terug te zien en uit hun reacties mag ik denk ik wel afleiden, zij mij ook. De cadeautjes werden verdeeld en wat nog over was heb ik daar gelaten. Na nog een paar uurtjes daar te hebben doorgebracht, heb ik afscheid genomen. Het ging me ook nog wel een beetje aan t hart. Zelfs Upetja was geroerd. Ze had voor mij allerlei typische Singalese lekkernijen meegenomen. Dat was voor mijn kinderen, dan konden zij dat ook proeven. En Shanti het meisje dat Engels kon en vaak moest tolken, gaf me een cadeautje mee voor mijn minibirri (kleindochter). Dat vond ik toch wel een bijzonder gebaar. En na veel geknuffel en don't forget me's ging ik. Met de meisjes in mijn hart.

Manicuren

Drie keer ben ik in het bejaardenhuis geweest. De derde keer dacht ik, wat moet ik in godsnaam met de ouderen doen. De hele dag met Charlotte praten, of de zaal aanvegen heeft niet zo heel veel meerwaarde. Ik pijnigde mijn hersenen, door te graven in de activiteiten die wij met de bewoners doen of er iets was wat ik hier kon doen. Maar niks was echt geschikt. Spel materialen of iets dergelijks hebben ze niet. De meeste mensen liggen of zitten op bed, of schuifelen wat rond. Het enige wat ik zou kunnen doen, was manicuren. Dus ik had mijn nagelschaartje, knipper en nagelvijl mee genomen en ik had van te voren handlotion gekocht. Charlotte was mijn eerste "slachtoffer", dat leek me de makkelijkste ingang. Nee, nee zei Charlotte, ik hoefde haar nagels niet te knippen. Maar ik heb haar kunnen overtuigen, dat ik het met plezier deed. En dat we dit op mijn werk ook deden. Toen ik haar nagels geknipt en gevijld had en haar handen had gemasseerd met handlotion, vroeg ik of er andere dames waren die een haarverzorging wilden. Voorzichtig kwam er toch wat belangstelling. Uiteindelijk heb ik een stuk of 10 dames gehad. Mijn rug deed zeer van de ongemakkelijke houding, waarin ik de hele tijd had gezeten, maar dat was niet zo erg. Dat de dames genoten hadden was het belangrijkste. En dat ze genoten hebben neem ik aan,  want een paar bewoners gaven mij cadeautjes. Eigenlijk wilde ik het helemaal niet hebben, ze hebben bijna niks en geven van dat kleine beetje toch nog wat weg. Maar ik moest het aannemen, anders zou ik ze beledigen. Ze hiermee een groot gebaar maakten.

Deze reis is mede mogelijk gemaakt door:

Commundo